Een windmolen die wel in de smaak valt

Timo Spijkerboer klopt de droge klei van zijn laarzen en slaat het stof van zijn jas. Samen met zijn mede-vennoten van E.A.Z. Wind staat hij al dagen achtereen in het veld om kabels in te graven, installatiewerk te doen en fundamenten te leggen voor de E.A.Z.-Twaalf-windmolens.

 

Met zijn collega’s is hij aan het werk naast een boerderij in Overschild. Een dag eerder was het Delfzijl en daarna gaat de schop in de grond in Garsthuizen. Her en der op het Groninger platteland zien we ze verrijzen, meestal naast een boerderij: ranke windmolens van bescheiden hoogte en met houten propellerbladen en een houten staartvlak.

 

Het is bij E.A.Z. Wind momenteel alle hens aan dek. Nu de periode van ontwerpen, verbeteren en ontwikkelen is afgerond hebben de bedenkers van de molen besloten een jaar lang ook het plaatsen van de molen zelf te doen. Spijkerboer: "Dat doen we met ons team van hoogopgeleiden, zodat we alle aspecten van de bouw zelf ook een keer bij de hand hebben gehad."

Hielke en Sietse

Het verhaal van E.A.Z. Wind leest als een lekker ouderwets jongensboek uit de serie van De Kameleon, met de avontuurlijk aangelegde Hielke en Sietze als hoofdfiguren. Bij E.A.Z. Wind zijn dat IJssebrand Ziel, Bart Claessen, Sjouke Ritsema en Aard Duivenvoorden. En hun avonturen speelden zich niet af in Friesland, maar aan de Universiteit Twente en de Saxion Hogeschool, waar ze elkaar zeven jaar geleden ontmoetten en een hechte vriendschap groeide. Alle vier hadden ze wel iets met het thema duurzaamheid en energietransitie. Vanuit de vriendschap en de gedeelde interesse groeide het idee om een rendabele windmolen te ontwikkelen die dankzij zijn menselijke maat fatsoenlijk past in een agrarisch- of dorpslandschap.

Het viertal is inmiddels versterkt en uitgegroeid tot elf man. Via Sjouke kwam het ingenieursgezelschap terecht op het windrijke Groningse platteland waar Sjouke zijn jeugd doorbracht op een boerderij in Overschild. In die plaats, in een naastgelegen boerderij heeft EAZ Wind in een schuur de EAZ-Twaalf geperfectioneerd en getest.

Wind in de rug

De molen kwam kortgeleden gereed voor serieproductie en het jonge bedrijf kreeg de wind vanaf dat moment verrassend hard in de rug. Een stuk of dertig van de E.A.Z.-Twaalf heeft E.A.Z. Wind er dit jaar al verkocht, vooral aan boeren die er graag een naast hun boerderij hebben staan. Door de besparing op de energierekening is het een rendabele investering. Meer rendabel ook dan de koop van zonnepanelen die een vergelijkbare hoeveelheid stroom opwekken, blijkt uit de rekensommen van E.A.Z. Wind. Een investering in een windmolen is volgens Spijkerboer binnen zes tot tien jaar terugverdiend

Ze hebben iets authentieks, ambachtelijks en doen denken aan vroegere modellen windmolens. Maar dat is maar schijn, de molens van E.A.Z. zitten juist vol met innovatieve technieken die het mogelijk maken de molen zonder onderhoud jaren achtereen te laten draaien. "We wilden een maximale stroomopbrengst tegen minimale kosten", legt Spijkerboer uit. "Technische en financiële betrouwbaarheid van de molen stonden bij het ontwerpen voorop."

Gevoelig

E.A.Z. Wind, dat in de eerste productiefase vanuit de regeling Ondernemersimpuls Noord-Groningen van de EBG een financiering van een ton ontving, koestert hoge verkoopverwachtingen. Spijkerboer en de zijnen schatten de markt voor alleen al volgend jaar op zo'n honderd stuks.

Niet alleen omdat boeren er goedkope en ook nog eens duurzame energie mee kunnen produceren is de belangstelling boven verwachting. Ook dankzij versoepeling van provinciale regels mogen de vijftien meter hoge molens in veel Groningse gemeenten geplaatst worden. Ook bewonerscoöperaties hebben de E.A.Z.-Twaalf inmiddels ontdekt en voor dit jaar is er inmiddels een wachtlijst. "We hebben de klanten, the sky is the limit", lacht Spijkerboer.

Wat hier zwaar meetelt is dat de bescheiden windmolens op aanzienlijk minder maatschappelijke weerstand stuiten dan hun kolossale evenknieën van de grootschalige windparken die in de Veenkoloniën en nabij Zuidbroek moeten verrijzen. "Windenergie is een gevoelig onderwerp", verklaart Spijkerboer. "Omdat het op dat punt zo vaak misgaat, besteden wij er juist heel veel aandacht aan."

Welwillend

Niet alleen vanwege de beperkte hoogte accepteren staan veel mensen welwillend tegenover de windmolens van E.A.Z. Wind in hun omgeving, veronderstelt Spijkerboer. "We hanteren een regionale aanpak. Mensen moeten het product snappen, het mag ze geen schrik aanjagen, zoals die grote joekels dat wel doen. Daarmee scheppen we het draagvlak dat we nodig hebben om op de lange termijn te slagen."

Dat lokaal vertrouwen zoekt E.A.Z. Wind ook door regionale toeleveranciers in te schakelen. De rotorbladen komen daarom van trappenfabriek Droomtrappen in Stadskanaal, de buizen worden geleverd door Barteling in Groningen en de eigen productie is inmiddels verhuisd naar een fabrieksloods in Hoogezand.

Het is vooral de acceptatie van wind als duurzame energiebron die de groei van E.A.Z. bepaalt, niet zozeer de technische belemmeringen, die zijn eenvoudiger te overwinnen. "Hoe dan ook hebben de molens impact op de openbare ruimte. Dat moeten we blijven uitleggen. We zijn daarom voortdurend met gemeentebestuurders in gesprek over beleid rond windmolens en lokaal geproduceerde energie."

"We zien onszelf als een maatschappelijke onderneming, die ook geld mag verdienen", licht Spijkerboer toe. "We willen op de goede manier waarde toevoegen aan de samenleving, in de zin van leefbaarheid, identiteit en trots."

"Onze droom is dat we de komende vijf jaar regionaal groeien", besluit Spijkerboer. "Dat betekent dat we voorlopig alleen molens neerzetten in Groningen en misschien enkele in Friesland. We willen laten zien wat windenergie op deze manier kan betekenen voor de regio. En mochten er dan geïnteresseerde Japanse regiobestuurders langskomen, dan gaan we in dat land als het zover komt, op dezelfde wijze te werk. Dan zorgen we dat we daar ter plekke een fabriek neerzetten en daar in de lokale gemeenschap aanwezig zijn."

En E.A.Z., waar staat dat nou eigenlijk voor? Waar Spijkerboer overal vlot een antwoord heeft, aarzelt hij nu. "Enschede Aan Zee. Studentengrapje."